Holle Boomstammen

De historische mythen van Nederland ontleend aan Frans Vlaanderen



Gebonden, 1980, 464 bladzijden

De Batavieren in Holle Boomstammen……

Holle Boomstammen werd in 1980 afgerond en gedrukt. Dit boek was vooral bedoeld voor het grote publiek. Met Holle Boomstammen werd verwezen naar de geschiedenisboekjes waarin de legendarische Batavieren in Holle Boomstammen bij Lobith ons land invoeren. Er werd een oplage gedrukt van 3500 exemplaren en deze waren binnen korte tijd uitverkocht. Gelukkig is een klein deel van de oplage destijds aangekocht door zijn zoon die deze boeken in zeer beperkte oplage (25 jaar later) beschikbaar stelt voor de verkoop. Vanwege de zeer beperkte oplage is de prijs daaraan gerelateerd.
Holle Boomstammen heeft als ondertitel “De historische mythen van Nederland, ontleend aan Frans Vlaanderen”.
Het boek beschrijft alle misvattingen in de historie van Nederland en plaatst ze op de juiste manier daar waar ze thuishoren.

Misinterpretatie

in het eerste hoofdstuk de residentie Noviomagus en de daaraan verbonden misinterpretatie van Nijmegen. In het tweede hoofdstuk wordt de Betuwe, “het eiland der Bataven” op de juiste plaats gezet. In het derde hoofdstuk wordt de Peutinger kaart, Ptolemeus en de de geograaf van Ravenna opnieuw gelezen en op de juiste wijze geïnterpreteerd.

Het vraagstuk Renus

Het vierde hoofdstuk beschrijft het Renus-probleem en komt uit op de juiste monden van de Renus.
Hoofdstuk vijf handelt geheel over het oude Dorestadum. Het oude Dorestadum is niet Wijk bij Duurstede maar Audruicq, westelijk van St. Omaars.

Willibrord en de Noormannen

Hoofdstuk zes bewijst dat er ook een grote misvatting is over Willibrord en Trajectum. Het is min of meer bekend dat er twee lijken zijn van de heilige maar Trajectum is dus niet Utrecht en ligt gewoon in Noord Frankrijk. Het zevende hoofdstuk volgt uit de voorgaande. De Noormannen zijn nooit in Nederland geweest en de geschreven bronnen tonen dat ook duidelijk aan.

Langdurige overstromingen door de zee: Transgressies

In het achtste hoofdstuk wordt aangetoond dat Nederland tussen de 3e en 9e eeuw prooi geweest van transgressies. Periodieke en langdurige overstromingen. Het verschijnsel wordt wel Duinkerkse transgressies genoemd omdat het verschijnsel daar uitgebreid bestudeert is. Het betekent dat Dokkum, Utrecht, Wijk bij Duurstede diep onder water lagen.

Middeleeuwse schrijvers

Het laatste hoofdstuk haalt vier Nederlandse schrijvers voor de middeleeuwen aan. Deze eerste schrijvers halen nergens de tradities van Utrecht, van Dorestadum, Nijmegen of Bataven aan. Bij de schrijver Melis Stoke (1235 ca 1305), klerk van Floris V en Willem III van Holland, ontstaan de misvattingen. St. Willibrord belandde ineens in Utrecht en over de Noormannen in Nederland repte hij met geen woord. Zo ontstonden steeds opnieuw verplaatsingen van de geschiedenis door overschrijvingen en fantasie.